Geen logistieke aankondigingen en geen sprake van vrijstelling voor scholen

De heffingsambtenaar van de gemeente Voorst heeft aan belanghebbende, uitbater van een centrum voor huiswerkbegeleiding, een aanslag reclamebelasting opgelegd. In beroep stelt belanghebbende dat er geen sprake is van belastingplicht, omdat de aankondiging slechts is aangebracht om de ingang te verduidelijken. Bovendien voert belanghebbende aan dat zij als een onderwijsinstelling is te beschouwen, hetgeen blijkt uit het feit dat er geen omzetbelasting hoeft te worden afgedragen, en dient te worden vrijgesteld op basis van de vrijstelling voor scholen. Tenslotte voert belanghebbende aan dat sprake is van willekeurige en onredelijke belastingheffing.
De rechtbank stelt allereerst vast dat de aankondigingen zichtbaar waren vanaf de openbare weg en oordeelt, onder verwijzing naar o.a. de uitspraken van het Gerechtshof Amsterdam van 22 juni 2005 (LJN AU0787) en Gerechtshof ’s-Gravenhage van 25 augustus 2009 (LJN BN7544) dat de aankondigingen tot het publiek gerichte mededelingen betreffen, die erop gericht zijn de aandacht en de belangstelling van het publiek te trekken, namelijk het (tegen betaling) verlenen van huiswerkbegeleiding. De stelling dat de aanduidingen slechts voor logistieke doeleinden zijn aangebracht, wordt door de rechtbank eveneens verworpen.
Bovendien valt belanghebbende volgens de rechtbank niet onder de in de verordening opgenomen scholenvrijstelling, aangezien een bedrijf als dat van belanghebbende, waar kennelijk hoofdzakelijk huiswerkbegeleiding wordt gegeven niet als school in de zin van de verordening kan worden aangemerkt. Volgens de rechtbank wordt een huiswerkbegeleidingsinstituut ook in het normaal spraakgebruik geen school genoemd. De enkele omstandigheid dat de belastingdienst belanghebbende ter zake van het verstrekken van onderwijs heeft vrijgesteld van omzetbelasting, leidt volgens de rechtbank niet tot een ander oordeel. Van een willekeurige en onredelijke belastingheffing is volgens de rechtbank evenmin sprake.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.