Opschrift voor een huisartsenpraktijk is belastingplichtig voor de reclamebelasting

Belanghebbende heeft na ongegrondverklaring van zijn bezwaar, beroep ingesteld tegen de aanslag reclamebelasting. De heffingsambtenaar van de gemeente Veenendaal heeft de aanslag tussentijds ambtshalve verlaagd.
De rechtbank is niet gebleken dat door de ambtshalve vermindering belanghebbende thans nog enig belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep tegen de ongegrondverklaring van zijn bezwaar, zodat het beroep daartegen wegens het ontvallen van procesbelang niet-ontvankelijk wordt verklaard. Nu de aanslag ambtshalve is verminderd, ziet de rechtbank aanleiding om de heffingsambtenaar te veroordelen het door belanghebbende betaalde griffierecht te vergoeden. Het geschil betreft de vraag of het opschrift voor de huisartsenpraktijk van belanghebbende belastingplichtig is op grond van de verordening.
De rechtbank overweegt dat op grond van vaste jurisprudentie onder het wettelijk begrip ‘openbare aankondiging’ niet slechts reclame in engere zin valt, maar meer in het algemeen elke tot het publiek gerichte mededeling van commerciële dan wel ideële aard waarmee de aandacht wordt getrokken voor een dienst, een product of een boodschap. Naar het oordeel van de rechtbank is het niet de vraag welk commercieel of ideëel belang beoogd wordt, maar louter of het opschrift het doel heeft de aandacht van het publiek te trekken. Het is dus niet relevant of er met een opschrift al dan niet wordt beoogd reclame te maken. Vaststaat dat het opschrift duidelijk maakt aan mensen die de praktijk zoeken, dat de huisartsenpraktijk in dit pand is gevestigd.
Daarmee richt het opschrift zich tevens tot het publiek in het algemeen. Het opschrift voor de huisartsenpraktijk is derhalve aan te merken als een aankondiging in de zin van de Gemeentewet en de verordening. Het opschrift valt niet onder de vrijstelling, zoals genoemd in de verordening, voor openbare aankondigingen die worden aangemerkt als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt gediend.
Onder deze uitzonderingsgrond valt veeleer de bewegwijzering aan lantarenpalen of ANWB-zuilen. Ook de vergelijking met opschriften bij een politiebureau gaat niet op, nu anders dan bij onderhavig opschrift sprake is van een aankondiging ter uitvoering van een publieke taak.
De rechtbank verklaart het beroep tegen de ambtshalve vermindering ongegrond en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.