Verhuur pand aan buitenlandse werknemers
Belanghebbende is eigenares van een pand met slaapverblijven en een gemeenschappelijke keuken. Belanghebbende heeft buitenlandse werknemers van haar bedrijf in dit pand gehuisvest. De werknemers verblijven voor de duur van hun arbeid voor kortere of langere tijd in het pand en betalen huur. Belanghebbende heeft een aangiftebiljet toeristenbelasting ingestuurd met vermelding van 12.614 overnachtingen. De heffingsambtenaar van de gemeente Bergen heeft overeenkomstig de aangifte een aanslag toeristenbelasting opgelegd van € 15.136,80. Het bezwaar hiertegen is ongegrond verklaard. De Rechtbank Alkmaar heeft het beroep ongegrond verklaard.
Het hof ziet, net als de rechtbank, geen aanknopingspunten voor het oordeel dat sprake is van een onredelijke en/of willekeurige belastingheffing indien de belastingplichtige het niet in zijn macht heeft om de heffing van toeristenbelasting af te wenden door zorg te dragen voor inschrijving in de gba. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de wetgever welbewust aan de gemeenten de mogelijkheid heeft geboden onder de naam toeristenbelasting verblijfsbelastingen van uiteenlopende aard te heffen waaraan alle niet-ingezetenen die in de gemeente verblijven kunnen worden onderworpen. Uit artikel 26 van de Wet gba volgt wanneer sprake kan zijn van inschrijving in de GBA, namelijk wanneer degene die niet in een basisadministratie is ingeschreven, naar redelijke verwachting gedurende een half jaar ten minste twee derde van de tijd in Nederland verblijf zal houden. Het door belanghebbende gestelde beleid dat zij toeristenbelasting verschuldigd is terwijl de betrokkenen zich tijdig voor inschrijving in de gba melden, hangt dan ook samen met de voorwaarde in de Wet gba. Overigens heeft belanghebbende niet aannemelijk gemaakt dat de betrokkenen zich hebben gemeld voor inschrijving in de GBA. Dat het begrip belastingplichtige in de praktijk ruimer is dan in de Verordening volgt het hof niet.
Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond.
DATUM:
22 augustus 2013
ECLI:
ECLI:NL:GHAMS:2013:2713
ZAAKNUMMER:
12/00076
INSTANTIE:
Gerechtshof Amsterdam
