Pasmunt – tijd om te wisselen

Om aan zijn verplichting tot het betalen van parkeerbelasting te voldoen moet de belasting-plichtige een redelijke tijd worden gelaten om de parkeerapparatuur in werking te stellen. De tijd die nodig is om geld te wisselen moet daarbij buiten beschouwing blijven, omdat van parkeerders mag worden verwacht dat zij over pasmunt beschikken. De omstandigheid dat belanghebbende, nadat hij de auto had geparkeerd, naar diverse winkels is gegaan om geld te wisselen voor de parkeerapparatuur, kan niet worden aangemerkt als een uitvoeringshandeling, waaruit blijkt dat een aanvang wordt gemaakt met het betalen van parkeerbelasting. De naheffingsaanslag is derhalve terecht opgelegd.

(Gerechtshof Den Haag 23 maart 2001, nr. 99/30452, E XII, Belastingblad 2001, blz. 610)
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.