Conclusie A-G; retributieregeling leidt tot ongeoorloofde indirecte tariefdifferentiatie
In de OZB-aanslag niet-woningen is een OZB-tarief opgenomen waarin een OZB-opslag is inbegrepen. De opslag dient ter financiering van een ondernemersfonds. Het fonds kent een retributieregeling, op grond waarvan categorieën ondernemers in aanmerking komen voor teruggaaf van de OZB-opslag. X valt buiten de categorieën en betoogt dat, gelet op de betrokkenheid van de Gemeenteraad bij de invoering van de retributieregeling, deze opzet leidt tot een ongeoorloofde tariefdifferentiatie. A-G Pauwels volgt dit standpunt en concludeert dat de Gemeentewet zich verzet tegen het hanteren van een progressief tarief en tariefdifferentiatie. Dit betekent dat vrijwaring van de OZB-opslag via een lager tarief ongeoorloofde tariefdifferentiatie betreft. Tevens verzet de Gemeentewet zich tegen indirecte tariefdifferentiatie binnen een belastingverordening. In de Verordening mag de retributieregeling dan ook niet worden opgenomen. De Gemeenteraad heeft dus in strijd met art. 220f Gemeentewet gehandeld door enerzijds in de OZB-tarieven voor niet-woningen in de Verordening een OZB-opslag te begrijpen en anderzijds te bewerkstelligen dat in een retributieregeling wordt voorzien voor bepaalde categorieën belastingplichtigen in verband met die OZB-opslag. De belastingrechter mag in een dergelijk geval bij de exceptieve toetsing van de belastingverordening de niet in die belastingverordening opgenomen, geprivatiseerde, retributieregeling betrekken.
Terug naar kennisbankDATUM:
27 maart 2026
ECLI:
ECLI:NL:PHR:2026:320
ZAAKNUMMER:
25/00666 (etc.)
INSTANTIE:
Conclusie A-G Pauwels
