Conclusie A-G Koopman; vereisten digitale uitnodiging voor zitting

Op grond van de Awb worden partijen ten minste 3 weken vóór de zitting uitgenodigd, in beginsel bij aangetekende brief. Bij digitaal procederen wordt de uitnodiging door de griffier geplaatst in het digitale webportaal. Tegelijkertijd wordt een kennisgeving van plaatsing verzonden naar het door de partij opgegeven e-mailadres. De enkele constatering dat de uitnodiging in het webportaal is geplaatst, is onvoldoende. Vereist is dat wordt vastgesteld dat een kennisgeving van plaatsing van het bericht aan de betrokkene is verzonden, tenzij de partij uitdrukkelijk heeft afgezien van het ontvangen daarvan. Van de rechter mag worden verlangd dat hij bij het uitblijven van verschijning op de zitting de ‘achterkant’ van het digitale systeem raadpleegt en nagaat of – en zo ja, wanneer en aan welk adres – de kennisgeving is verzonden. Hiermee wordt gewaarborgd dat bijvoorbeeld technische storingen of verzendfouten niet onopgemerkt blijven. In de uitspraak van het hof moet worden opgenomen dat op een bepaalde datum in het webportaal een bericht voor die partij toegankelijk is geworden waarin hij wordt uitgenodigd voor de zitting onder vermelding van plaats, datum en tijd ervan en de datum en tijd waarop volgens de loggegevens een kennisgeving van de plaatsing van dat bericht is verzonden aan het door die partij voor dat doel opgegeven e-mailadres. Dit is slechts anders wanneer een partij heeft afgezien van het ontvangen van zo’n kennisgeving.  

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.