Aanpassing regels aangaande ‘financieel belang bij procedure’

De Hoge Raad heeft tot nu toe aangenomen dat de omvang van het financiële belang alleen dan tot gevolg heeft dat geen vergoeding van immateriële schade hoeft te worden toegekend, wanneer het financiële belang bij een belastingprocedure minder is dan € 15. In sterk toenemende mate worden belastingprocedures gevoerd in de hoop en verwachting een vergoeding van immateriële schade en proceskosten te verkrijgen vanwege een overschrijding van de redelijke termijn. Voortaan zal de Hoge Raad tot uitgangspunt nemen dat zich een bijzondere omstandigheid voordoet, wanneer het financiële belang bij de procedure minder dan € 1.000 bedraagt, en de redelijke termijn met niet meer dan 12 maanden is overschreden. De belastingrechter kan dan volstaan met de constatering dat de redelijke termijn is overschreden. Indien het financiële belang minder dan € 1.000 bedraagt en de redelijke termijn met meer dan 12 maanden is overschreden, beslist de belastingrechter naar bevind van zaken. Het staat de belastingrechter vrij om ook dan te volstaan met de constatering dat de redelijke termijn is overschreden. Deze wijzigingen gelden niet voor zaken waarin (i) de belanghebbende voorafgaand aan de datum van dit arrest om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn heeft verzocht, en (ii) de redelijke termijn voor de desbetreffende fase van de procedure op de datum van dit arrest is overschreden.  

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.