Parkeerbelasting; kosten ter zake van het opleggen van naheffingsaanslagen
De heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam heeft een rekenblad overgelegd voor de raming van de kosten voor het opleggen van naheffingsaanslagen parkeerbelasting. Het hof overweegt dat de gemeente de contractkosten van de externe parkeerdienstverlener (de grootste kostenpost) volledig in de raming mocht betrekken. De gemeente neemt een ondeelbaar geheel aan dienstverlening af op het gebied van betaald parkeren. Daarbinnen is de fiscale parkeerhandhaving een belangrijk aspect. De contractkosten hangen als geheel voldoende samen met de inning van niet betaalde parkeerbelastingen. De kosten voor het doen van onderzoek naar de parkeerdruk in gebieden voorafgaand aan de invoering van betaald parkeren staan in een te ver verwijderd verband tot de inning van niet betaalde parkeerbelastingen. Voor aanmaningen en dwangbevelen bestaat een specifieke mogelijkheid tot kostenverhaal die de invorderingsambtenaar ook benut, en kunnen daarom niet (volledig) worden verhaald. De overheadkosten komen slechts voor 50% van de eigen personeelskosten van de gemeente in aanmerking. Bij het vaststellen van het maximum van de overheadkosten mogen niet de zelf ingeschatte personeelskosten van de parkeerdienstverlener worden betrokken. Na eliminatie van deze posten zijn er nog steeds niet te veel kosten in rekening gebracht op de opgelegde naheffingsaanslag.
Terug naar kennisbankDATUM:
21 mei 2024
ECLI:
ECLI:NL:GHAMS:2024:1370
ZAAKNUMMER:
23/403
INSTANTIE:
Gerechtshof Amsterdam
