Vóór begin bezwaartermijn ingediend geschrift is in beginsel geen rechtsgeldig bezwaarschrift

Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen voor het jaar 1995. Het bezwaar is niet-ontvankelijk verklaard. In geschil is of belanghebbendes reactie van 8 november 1996 op een brief van de Inspecteur van 31 oktober 1996 aangemerkt kan worden als bezwaarschrift tegen de onderhavige aanslag, die gedagtekend is op 31 december 1996.
Op het beroep in cassatie van belanghebbende overweegt de Hoge Raad als volgt: de in cassatie onbestreden vaststellingen van het Hof dat uit de brief van de Inspecteur duidelijk blijkt dat de aanslag ten tijde van belanghebbendes reactie van 8 november 1996 nog niet was opgelegd en dat uit de tekst van de reactie niet blijkt dat deze is bedoeld als bezwaarschrift tegen de onderhavige aanslag, en de door het Hof kennelijk hieraan verbonden conclusie dat belanghebbende niet meende of redelijkerwijs kon menen dat de onderhavige aanslag ten tijde van de reactie van 8 november 1996 reeds was vastgesteld, geven geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en kunnen voor het overige als van feitelijke aard in cassatie niet op hun juistheid worden getoetst. De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.