Activiteiten zijn in overheersende mate gericht op de commerciële belangen van de winkeliers

In geschil is of het algemene belang binnen de BIZ ten minste in gelijke mate wordt gediend als de gemeenschappelijke private belangen van de ondernemers (vgl. Hof Den Haag 3 januari 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:476).
De rechtbank overweegt dat er anders dan de heffingsambtenaar van de gemeente Zoeter-meer betoogt, geen grond is voor een terughoudende rechterlijke toetsing. Het feit dat de wetgever naar aanleiding van rechterlijke uitspraken wijzigingen in nieuwe wetgeving heeft aangebracht, geeft geen aanleiding om anders te oordelen. De promotieactiviteiten en evenementen die in de BI-zone zijn georganiseerd, zijn qua karakter in overheersende mate gericht op de commerciële belangen van de winkeliers. Daarbij neemt de rechtbank in aanmer-king dat ook voor de instelling van de BI zone dergelijke activiteiten door de winkeliersvereni-ging werden georganiseerd. De heffingsambtenaar heeft zich nog op het standpunt gesteld dat met name de Sinterklaasintocht het publiek belang dient. Gezien het feit dat de heffingsambte-naar geen argumenten heeft aangedragen op basis waarvan deze intocht afwijkt van de andere straatbrede evenementen en promotieactiviteiten, kan de rechtbank dit standpunt niet volgen. Vast is komen te staan dat de post inrichting en inventaris onderverdeeld kan worden in de posten kerstverlichting ad € 4.501 en bloembakken ad € 2.654. Ten aanzien van de post kerstverlichting overweegt de rechtbank dat dit geen activiteit is die onder de reikwijdte van de wet valt. Hierbij wijst de rechtbank erop dat de plaatsing van deze verlichting, voor zover dit al pas na de instelling van de BI-zone voor het eerst ter hand is genomen, vooral zal zijn gericht op de promotie van de in de BI-zone gevestigde winkels en horecagelegenheden tijdens de feestdagen (vgl. Hof Den Haag 9 april 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1327). Ten aanzien van de eveneens in geschil zijnde algemene kosten overweegt de rechtbank dat deze niet recht-streeks toerekenbaar zijn aan de verschillende posten. Naar het oordeel van de rechtbank dienen deze kosten naar evenredigheid over de verschillende posten verdeeld te worden. Het standpunt van de heffingsambtenaar dat de algemene kosten geheel aan het publiek belang toe te rekenen zijn, omdat de BIZ is ingesteld ten behoeve van het algemeen belang ongeacht de omvang van de activiteiten, volgt de rechtbank niet. De aanslag BIZ-bijdrage is ten onrechte opgelegd.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.