Gebruik scanauto's niet strijdig met art. 8 EVRM
Belanghebbende heeft bij een parkeerautomaat aangifte van parkeerbelasting gedaan en daarbij een fout gemaakt bij het intoetsen van het kenteken. Hierop heeft de heffingsambte-naar van de gemeente Amsterdam een naheffingsaanslag opgelegd. Na haar fout kenbaar te hebben gemaakt aan de heffingsambtenaar heeft deze de naheffingsaanslag vernietigd.
Hof Amsterdam onderkende slechts een fout van belanghebbende en niet van de heffingsambtenaar. Daardoor is de naheffingsaanslag niet herroepen wegens een aan de heffingsambtenaar te wijten onrechtmatigheid. Belanghebbende stelde dat zij weliswaar een fout gemaakt heeft, maar dat dit de gemeente niet ontslaat van haar verplichting om beter te controleren of de belasting niet betaald is. Met de rechtbank oordeelde het hof dat de heffingsambtenaar niet een nadere onderzoeksplicht had. Het hof oordeelde tevens dat zich geen verboden inmenging (art. 8 EVRM) heeft voorgedaan. De controles door middel van scanauto’s zijn aan te merken als waarnemingen in de publieke ruimte die op zichzelf geen verboden inmenging opleveren. De redelijke verwachtingen van belanghebbende over haar privacy zijn niet geschaad. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond met toepassing van art. 81 RO.
DATUM:
13 april 2018
ECLI:
ECLI:NL:HR:2018:566
ZAAKNUMMER:
17/02365
INSTANTIE:
Hoge Raad
