Leges; Kosten Huisnummering en zienswijzen, NEN-norm
Belanghebbende stelt dat bij de publicatie van de Verordening niet het normblad NEN 2631 en de UAV 2012 zijn bijgevoegd.
De rechtbank overweegt dat de heffingsambtenaar van BghU bij de beslissing over de hoogte van de leges niet uitgegaan is van de aannemingssom bedoeld in de UAV 2012 en evenmin van een raming van de bouwkosten als bedoeld in NEN 2631. De heffingsambtenaar is uitgegaan van de door belanghebbende zelf in de aanvraag opgenomen bouwkosten. De onjuiste bekendmaking kan belanghebbende dan ook niet baten.
Belanghebbende betoogt met betrekking tot de post ´lasten ten behoeve van bedenkingen -zienswijzen, weigeringen etc.´ dat deze lasten niet toerekenbaar zijn aan de producten omgevingsvergunning WABO. De rechtbank is van oordeel dat de heffingsambtenaar voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de bij deze post behorende kosten in meer dan zijdelings verband staan met de specifieke aanvraag om een omgevingsvergunning. De kosten die onder deze kostenpost vallen (overige kosten, zienswijzen, uitgebreide procedures en weigeringen) hebben naar het oordeel van de rechtbank meer dan zijdelings betrekking op de dienstverlening aan individuele burgers en zijn daarmee dan ook toerenbare kosten.
Met betrekking tot de post ‘huisnummering’ stelt belanghebbende dat het toekennen van een huisnummer een in het kader van de Wet BAG aan de gemeente toegewezen taak is die zij uitvoert in het algemeen belang. De rechtbank is van oordeel dat deze werkzaamheden rechtstreeks samenhangen met een omgevingsvergunning. Deze kostenpost staat los van de kosten die worden gemaakt voor een zelfstandige aanvraag voor huisnummering.
Belanghebbende betoogt ten slotte dat in de post ‘expertise’ vermoedelijk ook lasten zijn opgenomen die zien op het ontwikkelen van beleid, omdat de heffingsambtenaar heeft gesteld dat uitvoeringsbeleid wordt doorbelast in de leges. De heffingsambtenaar stelt dat, hoewel de term uitvoeringsbeleid wellicht anders doet vermoeden, dit niet het opstellen van beleid betreft, maar ziet op het in stand houden van het kennis-/ en vaardighedenniveau van de betreffende kwaliteitsmedewerkers. Ook advisering van B&W over specifieke omgevingsvergunningen is hiervan onderdeel. De rechtbank is van oordeel dat de heffingsambtenaar met deze toelichting voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat deze kosten toerekenbaar zijn en dat deze werkzaamheden rechtstreeks samenhangen met een omgevingsvergunning.
DATUM:
01 november 2017
ECLI:
ECLI:NL:RBMNE:2017:5636
ZAAKNUMMER:
16/4172
INSTANTIE:
Rechtbank Midden-Nederland
