Leges; heffingsambtenaar neemt, naar vermogen, de twijfels van belanghebbende weg
Belanghebbende trekt de door de heffingsambtenaar van de gemeente De Friese meren verstrekte gegevens ten aanzien van de vraag of de desbetreffende posten in diens raming van baten uit hoofde van legesheffing en de daaruit bestreden kosten (alle) kunnen worden aangemerkt als 'lasten ter zake', naar het oordeel van het hof, voldoende gemotiveerd in twijfel. Derhalve dient de heffingsambtenaar nadere inlichtingen over deze kosten en opbrengsten te verstrekken.
Naar het oordeel van het hof heeft de heffingsambtenaar met hetgeen hij in hoger beroep heeft overgelegd alsmede met zijn toelichting ter zitting van het hof aannemelijk gemaakt dat het door hem overgelegde overzicht van baten uit de legesheffing in 2006 en de daaruit bestreken ‘lasten ter zake’ compleet is en is terug te voeren op de gemeentebegroting, gelijktijdig met de vaststelling van de Legesverordening. Ook heeft de heffingsambtenaar geloofwaardig verklaard hoe hij, zij het eerst in de appelfase van deze procedure, de toerekening van uren heeft gecorrigeerd. Daarmee zijn door de heffingsambtenaar, naar het oordeel van het hof, naar vermogen de twijfels van belanghebbende weggenomen. Anders dan belanghebbende, zo begrijpt het hof, meent, behoeven de gegevens en verklaring geen bevestiging van een (externe) accountant. Belanghebbendes stelling dat de gegevens achteraf zijn opgemaakt en dat daarom de opbrengstlimiet geschonden is, vindt geen steun in het recht. Hoezeer belanghebbende ook moet worden toegegeven dat de heffingsambtenaar het gevraagde inzicht eerder had behoren te geven, kan dat niet ertoe leiden dat de opbrengstlimiet alsnog geacht moet worden te zijn geschonden.
DATUM:
20 mei 2014
ECLI:
ECLI:NL:GHARL:2014:4031
ZAAKNUMMER:
12/00002
INSTANTIE:
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
